Lief, klein jongetje uit mijn klas,

donderdag, mei 21, 2015 10 Permalink 0

Wat zag je er stoer en serieus uit, zo in je nieuwe trainingspak en achter je grote-jongens-tafel in groep 3. Het was de eerste dag van het nieuwe schooljaar en de klas rook naar schoonmaakmiddel en knisperend nieuwe schriftjes. Je was er al ijverig doorheen aan het bladeren, totdat je vriendjes binnen kwamen. Daar zag ik de onrustig wiebelende kleuter in jou toch weer een beetje terug. Je sprong op vanachter je tafel om ze om de nek te vliegen. Maar er was ook iets veranderd ten opzichte van de periode voor de zomervakantie. Het babyvet had de afgelopen zes weken plaatsgemaakt voor een ‘ouder’ jongensgezichtje en toen ik aankondigde dat het tijd was om te beginnen, ging jij meteen netjes achter je tafeltje zitten.

 

Ik kon zien dat je enthousiast was. Je had je verheugd op de eerste schooldag in groep 3 en je had er zin in om nieuwe dingen te leren. Tijdens de leesles deed je goed mee. Die betrokkenheid had ik in de kleuterklas niet eerder gezien, toen was je tijdens werklesjes met je hoofd in de bouwhoek. Na de eerste dag in groep 3, ging je met een blij gezichtje naar huis. Je moeder stond je met open armen onderaan de trap op te wachten en je vertelde meteen wat je allemaal geleerd had.

 

De weken die volgden op die eerste schooldag, werden steeds pittiger voor jou. Ik kon merken dat je het niveau en het tempo waarop de nieuwe stof jouw kant op werd gesmeten, te snel voor je ging. Waar je eerst nog betrokken aan het luisteren was naar mijn uitleg, moest ik je na een paar weken heel actief steeds bij de instructie betrekken. En waar ik je eerst zelfstandig een werkje kon laten maken, moest ik nu naast je tafel blijven zitten en iedere stap voor voorkauwen.

 

Want hoewel jij jezelf al een hele vent vond, raakte ik vertederd door jouw mini rugtasje en je fascinatie voor je amateur-voetbalclub. Het deed me pijn om te zien dat je afhaakte. Dat je het leren had opgegeven. Je vond het te moeilijk. En niet ‘uitdagend-moeilijk’, maar ‘rocket-science-in-het-Mandarijn-moeilijk’. Na iedere werkdag zat ik gefrustreerd in de tram terug naar huis. Het raakte me dat zo’n leuke, enthousiaste knul als jij geen plezier meer leek te hebben in het leren. Ik was ervan overtuigd dat er een manier zou zijn die jou wel kon interesseren. Een lesmethode die wel aangepast zou kunnen worden op jouw niveau en dat je van daar uit verder kon leren. Een manier waarop je misschien iets fysieker bezig zou kunnen zijn dan nu. Want stil zitten achter een tafeltje, dat was voor jou zichtbaar een opgave. Die wiebelige kleuter zat er blijkbaar toch nog in! Die lesmethode die voor jou geschikt zou zijn, heb ik helaas niet kunnen vinden.

 

Als juf vond ik het een uitdaging om jou een goed gevoel te geven. Om jou succeservaringen te geven, waardoor je met diezelfde glimlach als op de eerste schooldag in je moeders armen zou vliegen. Maar het lukte me niet. Ik had namelijk nog veel meer kinderen die het leren moeilijk vonden. Die extra aandacht nodig hadden en die niet met de stof mee konden komen. Ik had ook kinderen in de klas die juist al veel verder waren. Die zich rot verveelden, omdat ze moeiteloos hele boeken uit lazen en in de klas losse letters aangeboden kregen. Het verschil tussen alle leerlingen was zo groot, dat ik me als leerkracht verscheurd voelde. Wie moest ik aandacht geven? Ik was graag de hele leesles naast je tafel blijven zitten om stap voor stap samen met jou de opdrachten te maken. Maar er waren meer kinderen die dat van mij nodig hadden.

 

Ik voelde me tekort schieten als leerkracht. Iedere dag ging ik met een gevoel van falen naar huis. Het klassikaal onderwijs, waarin uit gegaan wordt van de ‘gemiddelde’ leerling (die overigens niet bestaat), was niet geschikt voor mij. Het deed me pijn om kinderen weg te zien glippen, als ze niet met de standaard lesstof mee konden komen. En als er niet genoeg tijd was om ze erbij te blijven betrekken. Aan de andere kant vond ik het bijzonder moeilijk om de leerlingen die aan de bovenkant van het gemiddelde zaten de aandacht te geven die ook zij verdienden. Want die leerling was vaak braaf en kon goed meekomen. Eerlijk gezegd gebeurde het dan meer dan eens dat ik mijn aandacht gaf aan een kind dat het minder makkelijk vond allemaal.

 

Lief, klein mannetje. Het is al ongeveer anderhalf jaar geleden dat jij bij me in de klas zat. Volgens je moeder vond je mij een lieve juf en ging je graag naar school. En hoewel ik dat een onwijs compliment vond, had ik veel liever meer voor je gedaan. Ik denk nog regelmatig aan je, en hoe ik je beter had kunnen ondersteunen. Het lijkt erop alsof jij symbool bent gaan staan voor mijn vertrek uit het onderwijs. Ik hoop van harte dat je na mij een leerkracht hebt getroffen die wél de duizendpoot is, die je in het onderwijs moet zijn. Die jou kon voorzien in je onderwijsbehoefte en die ook je klasgenootjes kon geven wat ze nodig hadden. Allemaal. Ik had graag die juf willen zijn en heb er heel hard voor geknokt om die te worden. Maar het is me niet gelukt en dat vind ik moeilijk.

 

Hoewel ik niet meer in het onderwijs werk, houdt het me nog wel bezig. Ik had graag een juf geweest die ieder kind datgene kon bieden dat hij of zij nodig had, om een stapje verder te komen, zoals dat altijd zo mooi op studiedagen werd gezegd. Als ik andere collega’s mocht geloven, hadden zij het er ook moeilijk mee. Dat deed mij persoonlijk enigszins goed (ik was niet de enige juf die het niet leek te lukken), al baart het me inmiddels ook wel zorgen voor als ik mijn eigen zoon over een tijdje naar de basisschool stuur. Want dan hoop ik dat zijn juf hem wel de ondersteuning kan geven die hij nodig heeft. Of hij nu een zwakke, gemiddelde of sterke leerling zal zijn.

10 Comments
  • Milou
    mei 21, 2015

    Wow.. Kippenvel. Zo ontzettend herkenbaar!! Ik ben nu remedial teacher en heb het gevoel dat ik er wat meer mee kan, maar toen ik voor 30 groep 6-ers stond vorig jaar, heb ik precies hetzelfde ervaren. Dat gevoel dat ze wegglippen. Dat je iets uit staat te leggen, je zorgleerlingen het niet snappen maar dat je dóór moet omdat de methodes en de cito’s dat vereisen. Bah!

    En dan even los van de inhoud. Oh my, wat heb jij een schrijftalent zeg! Wauw…

    • Betty
      mei 22, 2015

      Wat een onwijs lief compliment! Dank je wel! 🙂

      En wat fijn ook dat mijn stukje herkenbaar is. Ik heb het van zoveel leerkrachten gehoord, terwijl iedereen op studiedagen braaf zit te knikken als het genoemd wordt. Echt heel lastig! Werk jij nog in het onderwijs?

  • iooon
    mei 21, 2015

    Mooi geschreven zeg. Ik voel de verscheuring gewoon.

    • Betty
      mei 22, 2015

      Dank je wel 🙂

  • Jessica
    mei 21, 2015

    Voor een groot deel herkenbaar. Het was voor mij dan ook een van de redenen om te stoppen met de PABO. Heel mooi geschreven.

    • Betty
      mei 22, 2015

      Bedankt! 🙂

      Ik hoor het van zoveel mensen, dat dit zo ontzettend moeilijk is. Logisch ook, natuurlijk. Maar ik zou wel eens concreet willen weten hoe de perfecte leerkracht dit aanpakt!

  • Lilian
    mei 21, 2015

    Ik heb veel vriendinnen in het onderwijs werken en daar hoor ik ook altijd zulke treurige verhalen van. Mijn dochtertje gaat gelukkig naar een hele kleine school, hoop dat ze daar genoeg aandacht kunnen verdelen.

    Even een vraag overigens als leek. Als er kids zijn die zich vervelen, kunnen die de moeilijk lerenden dan niet een beetje helpen? Of is dat te simpel gedacht?

    • Betty
      mei 22, 2015

      Ik kan me voorstellen dat het op een kleinere school overzichtelijker is om echt in de gaten te hebben welke kinderen wat nodig hebben. Zolang de leerkrachten in ieder geval ook maar minder kinderen in de klas hebben dan de standaard 25/30.

      En om je vraag te beantwoorden: Er zijn maar heel weinig kinderen die het leuk vinden om iets uit te leggen aan een ander kind. Vaak komt het er op neer dat ze het gaan voorzeggen en dat het kind dat het niet begrijpt daar dus niet mee verder komt. Als je iets goed uit moet leggen, moet je flink boven de stof staan. Bovendien moet je weten hoe je een stapje ‘terug’ kan denken en dat uit kan leggen. Dat is iets dat kinderen niet aan elkaar kunnen doen, is mijn ervaring. Kinderen die goed en minder goed kunnen lezen zijn ook niet echt aan elkaar te koppelen, je krijgt snel irritaties en kinderen hebben weinig geduld met elkaar. Dat was mijn ervaring in ieder geval. 🙂

    • Femke
      juni 4, 2015

      Ik denk dat ervaring je veel kan brengen, maar het is zeker niet de sleutel. Je kunt dan misschien beter inschatten welke taken prioriteit hebben, waar je ondersteunend of uitdagend werk vind en hoe je een balans vindt tussen klassikaal en individuele aandacht. Het is vallen en weer opstaan. Genieten van de leerling die na weken oefenen de tafel van drie op kan zeggen of van de leerling die eindelijk aan je lippen hangt omdat hij uitgedaagd wordt op groengebied. Het is genieten van de kleine dingen waar ik mijn energie uit haal. En van soms de boel de boel te laten. Te accepteren dat niet iedereen in dezelfde mate groeit en ontwikkelt. Buiten te gaan spelen, omdat samen spelen ook ontwikkelen is.

  • Sanne
    januari 22, 2016

    Je omschrijft echt precies de reden waarom ik besloten heb om uit het onderwijs te stappen. Ik kon de kinderen gewoon niet bieden wat ik ze wilde bieden. Tel daar de steeds groter wordende administratieve taken bij op en er blijft helemaal geen tijd meer over voor het kind.
    Gelukkig ben ik dankzij een vrijwillige stage bij de gemeente (ik wist niet wat ik wilde en moest wat) richting mijn huidige werk gerold.
    Ik mis het onderwijs wel, maar zoals het nu op veel scholen is.. Wil ik geen juf zijn!

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *